de week van zondag Laetare

‘Laetare’: Verheugt u…..

Vanavond hebben we gesproken over het laatste deel van ‘Verzoeking’. We hebben er nog niet echt vat op kunnen krijgen want Bonhoeffer was een grote geest en wij zijn maar kleine mensen dus we studeren aankomende week daar nog verder op.

Wat in ieder geval is komen bovendrijven, zijn de woorden: lijden, lot, God, ik, duivel. We zijn op zoek naar hun verband en samenhang omdat we ervaren dat we in ons leven en in de tijd waarin we leven ver af zijn geraakt van hun betekenis voor ons (geloofs)leven. Dat kan verstrekkende gevolgen hebben voor ons godsbeeld, vervolgens voor ons mensbeeld en ons zelfbeschikkingsrecht en voor onze omgang met dier, plant en aarde.

Gods woord & belofte

In de verzoeking is er voor de christen geen ander houvast dan Gods woord en belofte. Alle verzoeking die zich direct richt op ons geloof brengt ons in het gevaar van het verzoeken van God. Meer willen dan geloven, meer willen dan trouw zijn aan Gods woord & belofte, een teken willen van Gods liefde, van Gods trouw, van Gods hulp, dat alles is God op de proef stellen en als zodanig je oor lenen aan de duivel.

Hier kan het twee kanten op: richting de gerustheid of richting de wanhoop (twee kanten van dezelfde medaille die hoogmoed heet).

Gerustheid

Waar komt die onbevreesdheid en gerustheid voor God vandaan….? Uit de duivelse misleiding betreffende de wet van God en de toorn van God. De duivel maakt ons gerust in de genade. We gaan geloven dat we al vergeving hebben ontvangen nog vóór de zonde en zo maken we de zonde licht en miskennen we Gods toorn over de zonde.

Het resultaat hiervan is traagheid tot gebed en gehoorzaamheid, gevolgd door onverschilligheid tegenover Gods Woord met als eindstation de schipbreuk van ons geloof. Deze weg eindigt in afgoderij. We dienen hier een god die afgod is geworden: de goed(ig)e lieve god die geen toorn kent over de zonde of waarvan wij denken dat hij het niet zo serieus neemt met onze zonden.

Wanhoop

Nog dramatischer is een toornig God die mij niet genadig zou zijn. Hier rooft de satan aan de gelovige alle vreugde aan Gods Woord en alle ervaring van de goedheid Gods. De gelovige wordt vervuld met schrik over verleden, heden en toekomst. Oude, lang vergeten schuld staat plotseling weer voor mij, de tegenspraak tegen Gods Woord neemt toe en de troosteloosheid over mijn toekomst overweldigt me. God was nooit met mij, God is niet met mij, God zal mij nooit vergeven…..

Zo is de geest van de mens in oproer tegen Gods Woord. Hij verlangt tenslotte een bewijs van Gods genade, hij wil ervaring dat het goed zit met hem. Hoe destructief is deze weg wel niet. Ze kan leiden tot godslastering óf tot zelfvernietiging óf tot totale vertwijfeling. Óf de mens zal zichzelf proberen een teken te verschaffen bijvoorbeeld door een zelfverklaard heilige te worden door vernietigende ascese en goede werken of zelfs door toverij.

Bible-belt

Bovenstaande fenomenen willen we proberen te onderzoeken in de huidige praktijk van kerk-zijn in de bible-belt. We willen ook bekijken welke schade dit aanricht en wat de gevolgen daarvan zijn, dit in samenspraak met boeken als: ‘ Knielen op een bed violen’, ‘Dorsvloer vol confetti’. Verslag komt volgende week op -woensdag na zondag Judica-